
(De medaille na restauratie)
Binnen ons museum hebben wij weer een mooi stukje zilver kunnen vereeuwigen dankzij de heer Frank Willems uit Spankeren. Met zijn metaaldetector vond hij in de omgeving van Laag Soeren een, wat later bleek, zilveren koningsmedaille uit 1860 met de naam E. de Ruiter erin gegraveerd. De volledige gegraveerde tekst luid “Konings-Prijs. E. de Ruiter. Pannerden Schuttersfeest 1860”.
Deze medaille heeft hij aangeboden aan Schuttersgilde Claudius Civilis die zeer dankbaar is voor dit geschenk. Na een zorgvuldige restauratie uitgevoerd door Opifex prijkt deze medaille nu in een van de vitrines van onze schutterstent.
Heel bijzonder dat onze vereniging deze medaille heeft mogen ontvangen, en het is niet de eerste keer dat een herinnering aan ons rijke verengingsleven met een metaaldetector boven water (grond) is gekomen. Zie ook ons eerder geschonken pronkstuk!


(De medaille na de vondst)
Over schutterskoning E. de Ruiter hebben wij nog de volgende informatie voor u:
Huwelijk Everardus de Ruiter scheepstimmerman en Hendrina van Driel, 23-04-1852
Aktenummer: 6 Huwelijksdatum: 23-04-1852 Akteplaats: Bemmel
Bruidegom: Everardus de Ruiter
Vader bruidegom: Daniel de Ruiter
Moeder bruidegom: Johanna Smits
Bruid: Hendrina van Driel
Vader bruid: Gijsbertus van Driel
Moeder bruid: Elisabeth Hanenberg
Overlijden van Everardus de Ruiter geboren te Wamel op 27-10-1816 en is te Pannerden overleden op 26 augustus 1896 overlijdensakte 20
Overlijden Hendrina Elisabeth van Driel geboren te Doornenburg op 26-03-1835 op overleden te Pannerden op 04-11-1904
In 1849 wordt in het gemeenteverslag van Pannerden een melding gedaan van een scheepstimmerwerf van Petrus Schoenmakers en Evert de Ruiter in het Galgendaal nabij de Deukerdijk en de Groenestraat.
In 1852 komt een einde aan hun samenwerking en Schoenmakers richt een nieuwe werf op. Beide werfjes dienden hoofdzakelijk voor het herstel van houten schepen. Na de dood van Evert de Ruiter in 1856 blijft de scheepswerf in de familie en de werf van Schoenmakers schijnt rond 1909 te zijn opgegaan in de werf van de gebroeders Bodewes te Pannerden.
De overgang van hout naar ijzer en van zeil naar stoom brengt aan het begin van de 20e een eeuw een einde aan de werf van de Ruiter. (bron: J.W. van Petersen en W Zondervan, Oude ambachten en bedrijven achter Rijn en IJssel).

